Emissiereductie in de pluimveehouderij: reductiepotentieel, haalbaarheid en aandachtspunten
Via een webinar werden onderzoeksresultaten en praktijkervaringen rond emissiereductie in de pluimveehouderij van het RAMBO-project samengebracht.
RAMBO | 03/04/2026
Via een webinar werden onderzoeksresultaten en praktijkervaringen rond emissiereductie in de pluimveehouderij van het RAMBO-project samengebracht. Die inzichten tonen duidelijke verschillen tussen maatregelen en maken duidelijk dat ook haalbaarheid en dierenwelzijn mee bepalen welke keuzes op het bedrijf zinvol zijn.
Onderzoek bij leghennen en vleeskippen toont aan dat sommige managementmaatregelen een sterke reductie van ammoniakemissies kunnen realiseren, terwijl andere slechts een beperkt effect hebben. Vooral ingrepen die rechtstreeks ingrijpen op mest en strooisel blijken een groot potentieel te hebben.
Aangezuurd strooisel: sterk effect, maar met aandachtspunten
Bij vleeskippenstallen zorgde aangezuurd strooisel met natriumbisulfaat voor een aanzienlijke ammoniakreductie, met piekreducties tot 90%. Het effect was het grootst kort na het instrooien. Extra bijstrooien tijdens de ronde leverde geen bijkomend voordeel op.
Tegelijk werd vastgesteld dat het strooisel sneller dichtslaat en dat er meer voetzoollaesies voorkomen bij frequente toepassing. Dat maakt duidelijk dat bij toepassing van deze maatregel zeker ook voldoende aandacht moet gaan naar dierenwelzijn en management.
Mestbanden frequenter afdraaien loont
Ook het verhogen van de frequentie waarmee mestbanden worden afgedraaid, blijkt bijzonder doeltreffend. Bij leghennen in verrijkte kooien gaf drie keer per week afdraaien een gemiddelde emissiereductie van 65% ten opzichte van één keer per week. Twee keer per week afdraaien resulteerde in een reductie van 44%.
Deze maatregel toont aan dat relatief eenvoudige aanpassingen in management een grote impact kunnen hebben, zonder bijkomende investeringen in nieuwe technieken.