AEP-Pulse verbindt aquacultuur, insecten en plantenteelt in één circulair systeem

Wat vandaag een reststroom is, kan morgen een grondstof zijn. In AEP-Pulse worden reststromen uit drie productiesectoren slim verbonden in één circulair systeem.

AEP-Pulse | 13/04/2026

Viskweek Inagro

 

Grondstoffen worden duurder, regelgeving strenger en efficiëntie belangrijker. Het nieuwe Interreg-project AEP-Pulse onderzoekt hoe reststromen slimmer worden benut binnen en tussen landbouwsectoren. Drie productiesectoren, aquacultuur, insectenproductie en plantenteelt worden daarbij verbonden in één circulair systeem. Op de site van Inagro in Rumbeke ging het project vorige week officieel van start met als doel om via praktijkonderzoek en demonstraties oplossingen te ontwikkelen die ook effectief toepasbaar zijn op het bedrijf.

Van reststroom naar waarde op je bedrijf

Wat als de reststromen van insecten voer worden voor vissen en biostimulanten voor planten, visafvalwater de plantenteelt verrijkt, en de plantaardige reststromen op hun beurt de insecten voederen? In AEP-Pulse worden aquacultuur, insectenteelt en plantenteelt met elkaar verbonden. Wat in de ene schakel reststroom is, wordt grondstof in de volgende. Het project richt zich niet alleen op de technische integratie, maar ook op de optimalisatie van energie-, water- en nutriëntenbalansen binnen en tussen de sectoren

Voor de landbouwer kan dat betekenen:

  • minder afhankelijkheid van externe (en dure) inputstromen
  • beter benutten van nutriënten op je bedrijf
  • nieuwe mogelijkheden om reststromen te valoriseren

Meer dan zestig deelnemers uit de aquacultuur, insectenteelt en tuinbouwsector woonden de kick-off bij: sectoren die dagelijks worstelen met grondstoffenschaarste, milieudruk en personeelstekort. De sfeer was dan ook meteen die van een sector die beseft dat de toekomst vraagt om een sterkere samenwerking, over traditionele grenzen heen.

Viskweek Inagro 2

Demonstratiesites: concrete toepassingen in de praktijk

De innovatie gebeurt niet in het lab, maar op het terrein. Op Inagro zelf is al een concrete demonstratieopstelling operationeel: steur en forel worden gecombineerd met de kweek van meelwormen en de zwarte soldatenvlieg (BSF), terwijl hydroprei en aardbeien de kring sluiten. Plantaardige restproducten en reststromen uit de aquacultuur worden teruggevoerd naar de insecten, die vervolgens opnieuw kunnen bijdragen aan de visteelt.

In de komende projectjaren worden over Vlaanderen en Nederland nog vier bijkomende demonstratiesites uitgebouwd waar telers en bedrijven de systemen in werking kunnen zien.

 

Daarnaast wordt onderzocht hoe reststromen kunnen ingezet worden als biostimulant, met mogelijke voordelen zoals:

  • betere plantgroei en beworteling
  • verbeterde vruchtkwaliteit
  • efficiënter gebruik van nutriënten
  • positieve effecten op diergezondheid en voederconversie

Rood zeewier en vis- of insectenreststromen worden getest op hun effect op plantgroei, beworteling en eindkwaliteit, maar ook op de gezondheid en voederconversie van vis. Eerdere resultaten tonen bijvoorbeeld al aan dat het gebruik van afvalwater uit visteelt in tomatenteelt bijdraagt aan betere teeltresultaten.

Trossen tomaten in een serre
Foto panelgesprek AEP pulse

Kansen en knelpunten blootgelegd tijdens panelgesprek

Tijdens een levendig panelgesprek werd duidelijk dat circulaire voedselsystemen veel potentieel bieden, maar in de praktijk botsen op drempels zoals:

  • regelgeving rond gebruik van reststromen
  • complexe goedkeuringsprocedures (o.a. voor biostimulanten)
  • economische haalbaarheid op bedrijfsniveau

De conclusie is duidelijk: circulaire systemen bieden kansen, maar vragen nauwe samenwerking tussen landbouw, onderzoek en beleid om regelgeving werkbaar te maken en innovatie effectief naar de praktijk te vertalen. Daarom wordt in het project ook gekeken hoe oplossingen écht werkbaar gemaakt kunnen worden voor tuinbouwers.

Deel deze pagina

Artikel
 - 18/05/2026
Foto 18 02 2026 om 12 43
Oproepen
Inspirerende webinar 'Samen bouwen aan StadsGroen'
Op 3 juni 2026 organiseert Katholiek Onderwijs Vlaanderen (KOV) in samenwerking met Kragten en Universiteit Gent een inspirerende webinar waar we stilstaan bij de vraag “Hoe kunnen we het stedelijk groen sterker maken zodat het bestand is tegen de steeds zwaardere condities in de stad: hitte, droogte en wateroverlast?” Met specialisten ter zake gaan we dieper in op 2 concepten als oplossing voor de toekomst: MultYlayer-concept - Kragten: Roy van Rijt – Ellen MandersHet MultYlayer-concept is geïnspireerd op de natuurlijke opbouw en zelfregulerende kracht van het bos. Door meerdere lagen natuurlijke materialen toe te passen, ontstaat een sponsachtige bodem die water vasthoudt, hitte reduceert en onkruid en uitval beperkt. Zo versterkt de MultYlayer biodiversiteit en vermindert het onderhoud, terwijl het stedelijk groen beter bestand is tegen droogte, hitte en wateroverlast. Klimaatrobuust plantconcept – Universiteit Gent: Jan Mertens – Robbe De BeeldeHet klimaatrobuust plantconcept gaat over een combinatie van een aanplanttechniek en een aangepaste soortenkeuze. Voor de keuze van aanplanttechniek wordt rekening gehouden met de terreinomstandigheden. Zo kan gebruik van mulch er bv. voor zorgen datvocht langer zal vastgehouden worden. De soortenkeuze gaat over een selectie van plantensoorten met verschillende eigenschappen die elkaar kunnen ondersteunen. Het uiteindelijke doel van het klimaatrobuust plantconcept is om een robuuster systeem te krijgen dat weerbaarder is tegen klimaatextremen. Datum: 3 juni 2026 – 14-15 uDeelname is gratisInschrijven per mail: joris.arnauts@katholiekonderwijs.vlaanderenEnkele dagen vooraf ontvangt u een link om deel te nemen.