Terug naar overzicht
Nieuws

Co‑creation workshop veenbehoud en -beheer: stap voor stap naar nulbeheer, een utopie?

Op 27 november 2025 vond in Geel de tweede ADMIRE Co‑creation Workshop plaats, georganiseerd door de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). Deze bijeenkomst bracht 37 experts uit België en Nederland samen rond één centrale vraag:

Hoe kunnen we veengebieden duurzaam behouden, herstellen en beheren in een veranderend klimaat?

ADMIRE | 05/01/2026

Co creatie workshop 2025 3

Veenherstel: landgebruik, biodiversiteit en klimaat

Gert-Jan van Duinen (Stichting Bargerveen) schetste hoe veentypes worden bepaald door macroklimaat, abiotiek en het watertype dat het systeem voedt, en benadrukte dat veel karakteristieke soorten afhankelijk zijn van natuurlijke gradiënten tussen hoogveen, overgangsveen en laagveen. Hydrologisch herstel vormt daarbij de absolute sleutel: drainage moet verdwijnen om veenvorming opnieuw op gang te brengen. In de Urkhovense Zeggen toont effectieve vernatting bovendien dat CO₂‑uitstoot met 50 tot 80 procent kan worden teruggedrongen.

Hydrologische randvoorwaarden voor veenherstel in Vlaanderen

Piet De Becker (INBO) schetste de hydrogeologische context van Vlaamse veengebieden, die vaak klein, gefragmenteerd en kwetsbaar zijn.

Kernpunten

  • Minder dan 1% van het Vlaamse veen ligt buiten alluviale beekdalen.
  • De elektrische geleidbaarheid (EC) is een betrouwbare indicator voor veentype.
  • Constante grondwaterstanden zijn cruciaal: maximaal 25 cm schommeling per jaar, idealiter slechts enkele centimeters.
  • Nutriënten en sulfaten kunnen systemen doen “ontploffen” door interne eutrofiëring.

Bodem, nutriënten en klimaatinzichten: de casus De Zegge

Willem‑Jan Emsens (KMDA) toonde aan dat De Zegge zwaar is aangetast: de bovenste veenlagen zijn sterk afgebroken, terwijl diepere lagen nog 1000 jaar oude zaden bevatten die wijzen op vroegere stabiliteit. Door de aanvoer van basenarme kwel uit de Diest‑aquifer is het gebied extreem gevoelig voor verzuring, wat zichtbaar wordt in sterke pH‑schommelingen tussen natte en droge jaren. Ondanks hoge fosfaatgehaltes blijft de vegetatie momenteel stikstof‑gelimiteerd, waardoor soortenrijkdom voorlopig standhoudt.

Emsens benadrukte dat noodzakelijk ecohydrologisch herstel niet mag worden afgeremd door angst voor fosfaatmobilisatie, al waarschuwden deelnemers dat dit slechts standhoudt zolang stikstoflimitatie blijft bestaan, zodra die wegvalt, kan fosfaatmobilisatie leiden tot een snelle en ingrijpende biodiversiteitsdaling.

Co creatie workshop 2025 9

Adaptief maaibeheer

Cyr Mestdagh (Natuurpunt Beheer) en Seppe Strybos (Natuurpunt Studie) presenteerden een beslissingsboom voor adaptief maaibeheer, waarmee beheerders hun maaiacties kunnen afstemmen op de actuele vegetatieontwikkeling. Centraal staat dat het beheer het ecosysteem volgt: de waterhuishouding mag nooit worden aangepast om machines toe te laten, en bij te natte omstandigheden wordt beter niet gemaaid om schade te voorkomen. Uit praktijkervaring blijkt bovendien dat zwaar materieel kwetsbare veenstructuren kan beschadigen, wat het belang van zorgvuldig, licht en handmatig beheer onderstreept.

Praktische aanbevelingen

  • Boomopslag: handmatig uittrekken, nooit maaien.

  • Maaisel: altijd afvoeren, zelfs bij kleine hoeveelheden.

  • Bij massale rietgroei: strategisch maaien vóór bloei, eventueel gevolgd door inundatie.

Van LESA tot inrichtingsbeslissingen

Dion van Staveren en André Hassink toonden hoe de LESA‑methode landschapsecologische processen inzichtelijk maakt en helpt om veengebieden systemisch te beoordelen. Door geologie, hydrologie, bodem en landgebruik in samenhang te analyseren, maakt LESA zichtbaar welke factoren herstel belemmeren en welke ingrepen het functioneren van het veensysteem kunnen versterken. De methode biedt zo een onderbouwd kader om herstelmaatregelen te prioriteren, variërend van hydrologische ingrepen tot aanpassingen in beheer of infrastructuur, en ondersteunt beheerders bij het nemen van gebiedsgerichte, ecologisch robuuste beslissingen.

Benieuwd naar alle inzichten en aanbevelingen?

Duik in het volledige rapport voor de complete analyse.

Download het rapport

Werktafelsessies en terreinbezoek

Tijdens de werktafelsessies en het terreinbezoek kwam een duidelijke rode draad naar voren: veenherstel vraagt om systeemdenken, niet om het reconstrueren van historische situaties. Deelnemers pleitten voor een aanpak op landschapsschaal, waarbij natuurlijke gradiënten en hydrologische processen centraal staan.

Co creatie workshop 2025 4

Conclusies en aanbevelingen

Uit de discussies tijdens de co‑creation workshop kwamen een aantal duidelijke aanbevelingen naar voren.

  • Hanteer een duidelijke definitie van systeemherstel: Focus op systeemcreatie en abiotische procesoptimalisatie. Ontwikkel procesgestuurde hersteldoelen in plaats van statische doeltypes per perceel, en voorkom dat fixatie op individuele soorten het macro-herstel belemmert.

  • Vergroot de hydrologische ruimte van Speciale Beschermingszones: De huidige grenzen zijn te beperkt. Afbakening en beheer moeten het volledige hydrologische systeem omvatten (infiltratiegebied, kerngebied en bufferzone). Het concept van overgangsgebieden moet juridisch en ecologisch worden verankerd om hydrologisch herstel buiten de huidige natuurgebieden mogelijk te maken.

  • Hanteer strikte randvoorwaarden voor bodemafgraving: Ontwikkel een beslissingskader waarbij afgraving enkel wordt toegepast als uiterste redmiddel, rekening houdend met koolstofverlies, destructie van zaadbanken en kostenefficiëntie.

  • Optimaliseer maatregelen in infiltratiegebieden: Versterk de handhaving van het MAP en stimuleer (via GLB-vergoedingen) infiltratie bevorderende landbouwmaatregelen zoals bodemverruwing, contourploegen en herstel van perceelsranden.

  • Integreer klimaatresistentie en scenarioplanning: Bouw robuuste systemen met een sterke sponswerking die om kunnen gaan met extreme onzekerheden (zowel droogte als overstromingen), en implementeer gebiedsoverschrijdende waterbuffers die zowel de natuur- als landbouwsector dienen.

 

Een oprechte dank aan alle sprekers, experts en deelnemers. En vooral: dank aan alle deelnemers om het debat mee te voeren en samen te bouwen aan toekomstbestendig veenbeheer.

Alle details, nuances en aanbevelingen vind je terug in het volledige rapport.

Deel deze pagina

Blijf je graag op de hoogte?

Schrijf je in op onze nieuwsbrief!